
Wetenschap Vandaag | BNR
1,402 episodes — Page 27 of 29

Waarom je blij moet zijn met dat liedje dat niet uit je hoofd gaat
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickHier lees je meer over het onderzoek: That Song Is Stuck in Your Head, but Its Helping You to Remember. De paper vind je hier: Spontaneous mental replay of music improves memory for incidentally associated event knowledge. Lees hier meer over de man met geheugenverlies die dankzij een liedje ineens weer een paar herinneringen had: 'The 80s song that brought my lost memory back after 10 years'.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Een rivierkreeft aan de antidepressiva is zichzelf niet
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickNog steeds vinden resten van medicijnen hun weg naar omgevingswater. Via het toilet, of via het verkeerd lozen van afval. In dat water leven een heleboel dieren die kleine hoeveelheden van onze medicijnen binnen kunnen krijgen. Naar één dier en één medicijn waren onderzoekers benieuwd: de rivierkreeft en antidepressiva. Wat doet het met het beestje? En wat zijn daar de gevolgen van? Lees hier meer over het onderzoek van de Universiteit van Florida: Not acting like themselves: Antidepressants in environment alter crayfish behavior, study finds.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Onderzoekers vinden nieuw eiwit voor DNA-reparatie
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickIn deze audio hoor je onderzoekers Yana van der Weegen en Martijn Luijsterburg van het LUMC. Lees hier meer over het onderzoek: LUMC-onderzoekers ontdekken nieuw eiwit voor DNA-reparatie. De paper vind je in Nature Cell Biology: ELOF1 is a transcription-coupled DNA repair factor that directs RNA polymerase II ubiquitylation.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Wie wordt het wetenschapstalent van 2021?
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickIn deze audio hoor je onderzoekers Edwin Pos van de Universiteit Utrecht, Aurélie Carlier van de Universiteit van Maastricht en Kay Deckers van de Universiteit van Maastricht. Meer weten over de uitreiking: New Scientist Wetenschapstalent 2021. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Helpt deze nieuwe membraancoating blauwe energie weer een stap vooruit?
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickBlauwe energie zou één van de oplossingen binnen de energietransitie kunnen zijn. Het is duurzaam en ook nog eens stabieler dan zonne- en windenergie. Een rivier kan al snel evenveel energie opleveren als een waterkrachtcentrale met een waterval van 142 meter. Maar de techniek kent ook nog veel uitdagingen. Zo zijn de kosten voor de membranen die worden gebruikt hoog en moet ook de stroomopbrengst beter. Vervuiling Eén van de dingen die deze opbrengst in de weg kan zitten - en daarmee ook de kosten kan verhogen - is vervuiling van de membranen. Als deeltjes die van nature in het zoete en zoute water zitten zich ophopen, kan de geleidende werking van de membranen afnemen. In nieuw onderzoek is daarom gekeken hoe die vervuiling tegen kan worden gegaan. Het leverde zowel een manier op om de staat van de membranen realtime en continue te monitoren, als een coating die vervuiling zoveel mogelijk tegengaat. In de toekomst hopen ze onder andere het monitoren te koppelen aan een AI-model, zodat nog beter kan worden bekeken welke factoren en stoffen invloed hebben op de installatie en nog beter kan worden voorspelt wanneer het nodig is om de membranen schoon te maken. In deze audio hoor je onderzoeker Diego Pintossi van de TU Eindhoven en Wetsus. Lees hier meer over het onderzoek: De verborgen kracht van zoet en zout water. Hier vind je de paper: Fouling in reverse electrodialysis: monitoring, modeling, and control. Meer informatie over de testinstallatie op de Afsluitdijk vind je in deze video:See omnystudio.com/listener for privacy information.

Hoe verschillende corona-varianten binden aan onze cellen
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickIn de podcast hoor je Joyce Lebbink van de afdeling Moleculaire Genetica van het Erasmus MC. De bevindingen zijn gepubliceerd in Journal of Molecular Biology. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Pas op! Bacteriën reizen met je mee
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickIn de podcast hoor je onderzoeksleider John Penders, verbonden aan de afdeling Medische Microbiologie van de Universiteit Maastricht. De bevindingen zijn gepubliceerd in Genome Medicine.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Slimme valsspelende cellen
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickIn de podcast hoor je Sanne van Neerven, werkzaam in het Vermeulen lab. Ze vertelt over deze Nature studie. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Wie wantrouwt de wetenschap?
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickIn de podcast hoor je Bastiaan Rutjens van de Universiteit van Amsterdam. Hier vind je de publicatie over het onderzoek. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Hoe je vertelt over wetenschappelijk onderzoek
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickDe finale van FameLab was op 1 juni om 19.30 uur. Hier lees je alles over de winnaar en kan je de pitches kijken. See omnystudio.com/listener for privacy information.

De bedenker van de oerknal
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickIn de podcast hoor je sterrenkundige Frans Snik van Sterrewacht Leiden. Emeritus hoogleraar Ed van den Heuvel schreef een in memoriam over Kees de Jager. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Een hitteschild van vloeibaar metaal
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickIn de podcast hoor je Thomas Morgan van DIFFER.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Bosbranden die een winterslaap houden
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickIn deze podcast hoor je Sander Veraverbeke, universitair hoofddocent klimaat- en ecosysteemverandering. En het artikel over het onderzoek lees je in Nature. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Wiskunde inzetten om chirurgie voor epilepsiepatiënten te verbeteren
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickIn deze audio hoor je neuroloog Frans Leijten (UMC Utrecht) en wiskundige Hil Meijer (Universiteit Twente). Lees hier meer over hun onderzoek: Wiskundig hersenmodel helpt epilepsiechirurgie, waar ze vandaag een prijs voor overhandigd kregen.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Het voorspellen van collectieve intelligentie
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickIn deze audio hoor je onderzoeker Anita Woolley van Carnegie Mellons Tepper School of Business. Lees hier meer over het het onderzoek: Collective Intelligence Can Be Predicted and Quantified, New Study Finds. De paper vind je hier: Quantifying collective intelligence in human groups. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Waarom ijsjes en koude drankjes pijn kunnen doen aan je tanden
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickLees hier meer over het onderzoek: How Teeth Sense the Cold. De paper vind je hier: Odontoblast TRPC5 channels signal cold pain in teeth. See omnystudio.com/listener for privacy information.

NASA-ruimtesonde detecteert diep in de kosmos een rare constante brom
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickDe ruimtesonde die de ontdekking deed is een oudje: de Voyager 1. In 1977 vertrok hij de ruimte in en het is inmiddels het verst gereisde door mensen gemaakt ruimteobject ooit. Momenteel bevindt hij zich dus op bijna 23 miljard kilometer van de aarde. Meer dan 150 keer de afstand van onze planeet naar de zon. Z'n missie was: het bestuderen van planeten in ons zonnestelsel onderweg naar buiten, maar in 2012 vloog hij dat zonnestelsel uit en sindsdien vliegt hij dus diep in de kosmos en draagt hij - wonder boven wonder - nog steeds bij aan onderzoek. Constante vibratie Deze laatste meting is door wetenschappers van Cornell University in de VS uit de data gevist. Voorheen werd er zo ver weg ook weleens iets gemeten, maar dat kon dan dankzij uitbarstingen van de zon. Die zorgen voor een schokgolf door de ruimte en die kon de Voyager dan weer opvangen. Daarmee kon er eerder al wel eens iets gezegd worden over de dichtheid van de ruimte. Nu vonden ze een constant aanwezige trilling, terug te volgen tot 2017 en aan de hand daarvan konden ze ook de dichtheid onderzoeken. Ze zagen dat deze dichtheid varieert. Dit vertelt ons dus iets over door welke materie het zonnestelsel nou eigenlijk onderweg is. Niet iedereen zal hier bij stilstaan, maar ons zonnestelsel verplaatst zich met ongeveer 720,000 kilometer per uur door de ruimte. Waar gaat het nou precies doorheen? En is de dichtheid van die materie overal hetzelfde, juist variabel, of wisselt dat per gebied? De kans dat wij het ooit meemaken dat er nog een ruimtesonde zo ver weg metingen kan doen is klein. Het duurt namelijk enorm lang voor je daar bent. Voyager vertrok in 1977 en verliet in 2012 het zonnestelsel. Vervolgens vloog hij nog 9 jaar door. Dus hopelijk houdt hij nog even vol en komen we dankzij dit oudje binnenkort nog meer te weten over vibraties en variaties in de diepe kosmos. In deze audio hoor je sterrenkundige Floris van der Tak (RUG en SRON). Meer lezen kan hier: As NASAs Voyager 1 Surveys Interstellar Space, Its Density Measurements Are Making Waves. De paper vind je hier: Persistent plasma waves in interstellar space detected by Voyager 1.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Zo simpel kan een autonoom en zelflerend robotje zijn
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickHoe kunnen we meerdere robotjes samen iets zinnigs laten doen - in dit geval voortbewegen - met zo simpel mogelijke regels? Dat vroegen onderzoekers zich af. Ze maakten kleine robotjes, gaven die een paar regels computercode en zetten ze achter elkaar op een spoor. Vervolgens keken ze of het de robotjes lukte om uit te vogelen hoe ze als geheel het beste vooruit kwamen, zonder dat er communicatie tussen de robotjes was of de robotjes centraal werden aangestuurd. De robotjes bleken - ondanks hun beperkte rekenkracht - ook heel goed in het reageren op onvoorziene omstandigheden. Een versmalling van het spoor, of een kapotte buurman hield ze niet tegen. De onderzoekers willen de robotjes ook nog in de open ruimte gaan testen. En ze kijken of hetzelfde mogelijk is met anders gevormde soft robots. Een zeester bijvoorbeeld, waarbij de armen er dan samen achter moeten komen hoe ze als geheel over de grond kunnen kruipen. Uiteindelijk hopen ze zelfs dat ze het mechanisme ooit in het materiaal van de robot kunnen verwerken, zonder dat er nog een computertje nodig is. In deze audio hoor je Luuk van Laake van AMOLF. Lees hier meer over het onderzoek: Zelflerende robotjes lopen als een trein. De paper vind je hier: Continuous learning of emergent behavior in robotic matter. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Hoe een wormpje Alzheimer-onderzoek verder helpt
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickJa, er vindt veel onderzoek plaats naar ziektes als Alzheimer, maar we weten nog altijd een heleboel dingen niet. Ondertussen komen er in Nederland ieder uur vijf mensen met dementie bij. Bij 70 procent van deze mensen gaat het om Alzheimer. Ook neemt het het aantal mensen dat elk jaar Parkinson krijgt toe. Het zijn enkele van de ziektes waarbij neuronen steeds verder aftakelen, met zowel lichamelijk als cognitief steeds erger wordende klachten. Nou zijn er de laatste tijd veel studies die deze ziektes linken aan de bacteriën in ons spijsverteringskanaal. Maar, daar leven zo'n 100 biljoen bacteriën en die zijn lang niet allemaal slecht. Hoe ga je dan bepalen welke je moet hebben? Onderzoekers van de Universiteit van Florida hebben hiervoor de hulp van een piepklein wormpje ingeschakeld. Een wormpje niet groter dan een millimeter. In deze audio hoor je onderzoeker Daniel Czyz van de Universiteit van Florida. Lees hier meer over het onderzoek: New evidence links gut bacteria and neurodegenerative conditions. De paper vind je hier: Colonization of the Caenorhabditis elegans gut with human enteric bacterial pathogens leads to proteostasis disruption that is rescued by butyrate. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Meer beschikbare donorharten dankzij machine die donorhart na stilstand weer laat kloppen
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickHartdonatie was voorheen alleen mogelijk bij een hersendode donor. Dus: het hart pompt nog, maar iemand is hersendood verklaard. In deze nieuwe procedure is sprake van donatie na een circulatiestilstand. Dan hebben we het over patiënten waarbij de behandeling in overleg is stopgezet. Na deze beslissing krijgt de patiënt of de familie van de patiënt de keuze om donor te worden. Pas als diegene vervolgens is overleden wordt het hart gedoneerd. Het hart heeft dan dus even stilgestaan. Heart-in-a-box Voor het in leven houden van het hart buiten het lichaam wordt een bijzondere machine gebruikt die vloeistof door het orgaan heen pompt. Die vloeistof bestaat uit bloed van de donor, maar ook ingrediënten die het hart graag verbrandt en die het weer laten kloppen. Het hart kan op deze manier langer buiten het lichaam in leven gehouden worden en het gaat niet in kwaliteit achteruit. De machine is niet nieuw. Hij bestaat al een tijdje en in verschillende vormen. Voor elk soort orgaan moet hij net weer iets anders kunnen. Je kunt je voorstellen dat er bij elk orgaan andere vloeistofstromen nodig zijn en andere ingangen zijn waar rekening mee gehouden moet worden. Deze procedure doen met een hart, dat is alleen nog in Australië gedaan en in het Verenigd Koninkrijk en nu dus voor het eerst ook in Nederland. Dat was meteen succesvol. Meer donorharten Nou is het zo dat in Nederland relatief veel DCD (Donation after Circulatory Death)-donoren zijn. Het gaan om 50 procent van alle donorharten. Dat heeft te maken met de grondregels die je als medische maatschappij accepteert: DCD-donatie mag niet in elk land. Maar het heeft ook te maken met hoe gebruikelijk het is om naar kwaliteit van leven te kijken. In plaats van oneindig door te behandelen tot er complicaties ontstaan besluiten: we stoppen de behandeling. In het meest gunstige scenario zou deze procedure 40 extra donorharten per jaar kunnen opleveren. Dat zou een verdubbeling van het aantal harttransplantaties zijn. En ondanks dat we het nog steeds hebben over 140 mensen op de wachtlijst, moeten we natuurlijk - zo vinden ook de betrokken artsen - blij zijn met elk extra hart. Betere machine Dat dit nu in Nederland kan is al heel mooi, maar er wordt zelfs gekeken hoe het nog beter kan. Innovatie in de techniek van het apparaat zou hem dan vooral zitten in hoe natuurgetrouw het is. De machine bootst lichaamsprocessen na, maar in het echt spelen onze hersenen daar ook een rol bij. Die aansturing mist in zo'n apparaat en dat zorgt ervoor dat sommige onderdelen niet precies zo werken als in het lichaam. Als het lukt om de machine nog meer op ons lichaam te laten lijken kan een hart misschien nog langer in leven worden gehouden buiten het lichaam. De hoop is dat het zelfs ooit mogelijk wordt om de machine te gebruiken om een beschadigd hart te herstellen. Zodat ook harten die nu te beschadigd zijn om getransplanteerd te worden straks wellicht toch gebruikt kunnen worden. In deze audio hoor je Michiel Erasmus, thoraxchirurg in het UMCG en Niels van der Kaaij, cardiothoracaal chirurg in het UMC Utrecht. Meer lezen kan hier: Eerste succesvolle DCD-hartdonaties (Heart-in-a-box) in Nederland.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Genen die ons skelet aansturen in kaart gebracht
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickOns skelet is een enorm dynamische structuur. De vorm en samenstelling verandert ons hele leven. In onze botten vind je onder andere heel veel osteocyten: cellen die - bijna net als neuronen in de hersenen - in ons skelet een heel netwerk vormen. We hebben het dan over zo'n 42 miljard van deze cellen die 23 biljoen connecties hebben met elkaar hebben. Dit netwerk houdt de gezondheid van onze botten in de gaten en reageert op dingen als groei, druk, hormonen en dus ook op schade en ouderdom. Dat doen ze door tegen andere cellen in de omgeving te zeggen: bouw meer botcellen, of breek beschadigde cellen af. Een beetje als een soort aannemer, of manager.Als dat niet goed in balans is en die manager-cellen doen hun werk bijvoorbeeld niet goed, dan kunnen er ziektes ontstaan als osteoporose, waar zo'n 900.000 mensen in Nederland op het moment last van hebben. Het onderzoeken van deze cellen is niet makkelijk. Onder andere omdat ze in die harde botstructuur zitten. Je kunt ze daardoor niet heel makkelijk isoleren en bestuderen. Nu is het een internationaal team van onderzoekers onder leiding van het Garvan Institute of Medical Research in Australië toch gelukt om naar de genetische handtekening van deze cellen te kijken. Onontdekte genen Ze vonden een set van 1239 genen die aan staan in deze cellen. Genen waarmee ze van andere cellen te onderscheiden zijn. Van 77 procent van deze genen was nog niet bekend dat ze een belangrijke rol in ons skelet speelden. Ze zijn wel bekend als genen die je vindt in neuronen, maar hun rol in het skelet was nog niet bekend. Wat artsen en onderzoekers nu kunnen gaan doen, volgens deze wetenschappers, is deze kaart van genen die een belangrijke rol spelen bij het onderhouden van het skelet gebruiken om te achterhalen of een botziekte een genetische oorzaak heeft of niet. Het helpt ook bij het ontwikkelen van behandelingen voor botziektes en mogelijk voor het bevorderen van botherstel. En het kan helpen bij het beter begrijpen van de impact van bestaande behandelingen op het skelet. De paper vind je in Nature Communications: Osteocyte transcriptome mapping identifies a molecular landscape controlling skeletal homeostasis and susceptibility to skeletal disease. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Gevonden microfossiel mogelijk een ontbrekende schakel in evolutie van dieren
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickEen microfossiel, gevonden in zoetwatermeer Loch Torridon in de Schotse Hooglanden en uitstekende staat, bevat een bijzonder organisme. Een organisme met multicellulaire eigenschappen. Met meer dan één celtype dus. Het zijn eigenschappen waarvan werd gedacht dat ze pas 400 miljoen jaar later tevoorschijn kwamen. Ook de plek waar deze fossiel werd gevonden is bijzonder. De gedachte is lang geweest dat het leven - de complexere organismen - vanuit de oceaan het land op zijn gegaan om zich vervolgens daar verder te ontwikkelen tot de landdieren die we nu kennen. Deze vondst laat zien dat dit ook vanuit zoetwatermeren kan gebeuren. Toch blijven er nog genoeg vragen onbeantwoord. Want hoe vindt nou precies die evolutie van een eencellig organisme naar een organisme met meer dan één celtype plaats, zowel binnen de flora als fauna? Deze laatste ontdekking is één van de ontbrekende schakels bij het vinden van een antwoord op die vraag, meent onderzoeker Paul Strother, maar we zijn er nog lang niet. Bicellum brasieri Nou is de fossiel Bicellum brasieri genoemd. Vernoemd naar Martin Brasier. Ook hij was al vanaf het begin betrokken bij het onderzoek dat al in de vroege jaren 2000 van start ging. Deze fossielen waren dus ook al een tijd terug gevonden, maar oorspronkelijk werd er alleen gekeken naar de geologische waarde van de rotsen. Later pas zijn zowel Brasier als Strother gaan kijken naar wat er nou in die fossielen zat. Ze deden dat elk aan een andere universiteit en uiteindelijk zijn ze samen gaan werken. Helaas heeft Brasier nooit meer meegemaakt waar het allemaal toe geleid heeft. In 2014 kwam hij met zijn vrouw in een auto ongeluk terecht. Hij overleefde het niet. Zijn schetsen van de celstructuur van het gevonden organisme zijn wel nog terug te vinden in de paper. 'Ik kan me nog herinneren dat we bij hem thuis aan het werk waren. Ik ging laat naar bed', vertelt Strother. 'Toen ik de volgende ochtend beneden kwam, liep Brasier daar met zijn schetsboek. Hij was net klaar met het uitwerken van alles wat we hadden besproken.' In deze audio hoor je Paul Strother, onderzoeker bij het Department of Earth and Environmental Sciences van Boston College. De paper vind je hier: A possible billion-year-old holozoan with differentiated multicellularity. See omnystudio.com/listener for privacy information.

‘Zelfmoordknop’ laat met hiv geïnfecteerde sluimercellen zichzelf opruimen
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickIn het westen hebben we hiv dan misschien wel goed onder controle, er zijn jaarlijks nog steeds bijna 700.000 hiv-gerelateerde sterfgevallen. Dat komt vooral doordat een heleboel mensen geen toegang hebben tot hivmedicijnen of hiv-testen. En nu, door corona, is dat probleem nog groter. Het Aidsfonds heeft uitgerekend dat dit de komende twee jaar zal leiden tot nog eens 150.000 extra doden bovenop die 700.000 per jaar die er dus al zijn. Als iemand wel toegang heeft tot de juiste medicijnen en je gebruikt ze op de juiste manier, dan ben je niet meer besmettelijk. Maar omdat 1 op de 3 besmette mensen die medicijnen niet heeft, loopt het aantal besmette mensen nog steeds op. Ook doordat ouders het bijvoorbeeld doorgeven aan hun kinderen. Iets wat dus voorkomen kan worden. Stapje verder Maar het liefst gaan onderzoekers nog een stap verder dan wat er nu al kan. Want nu draag je zelfs als je de juiste zorg hebt hiv je hele leven bij je. Je moet die medicijnen elke dag slikken. Doet iemand dat niet, dan kunnen na korte tijd hiv-klachten ontstaan en ben je ook weer besmettelijk. De medicijnen die we nu hebben zorgen ervoor dat hiv-geïnfecteerde cellen zich niet kunnen vermenigvuldiger, maar hoe mooi zou het zijn als je die cellen helemaal kunt opruimen? Er is de laatste tijd een heleboel werk gaan zitten in het wakker maken van die sluimerende cellen. Je moet ze namelijk eerst kunnen vinden, voordat je ze uit kunt schakelen. Nou kijken de meeste technieken naar een manier om die cellen door het lichaamseigen immuunsysteem uit te laten schakelen. Maar omdat dit immuunsysteem vaak verzwakt is bij mensen met een hiv-infectie, wilden deze onderzoekers het anders aanpakken. Van shock and kill, naar shock and induce suicide: de cellen zelfmoord laten plegen dus. Ze activeren hiervoor een soort surveillance systeem: een specifiek mechanisme dat de omgeving van de cel in de gaten houdt. Het zit in alle cellen, maar ze activeren het alleen in de geïnfecteerde cellen, zodat deze uiteindelijk tegen zichzelf keren. Lees hier meer over het onderzoek: Wetenschappers vinden zelfmoordknop van met hiv geïnfecteerde cellen. De paper vind je in Nature Communictions: Selective cell death in HIV-1-infected cells by DDX3 inhibitors leads to depletion of the inducible reservoir. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Wereldberoemd astronoom Kees de Jager 100 jaar
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickWe nemen een wandeling door het werk van deze pionier van het ruimteonderzoek en horen van zijn zoon Jan de Jager hoe het was om zijn vader aan het werk te zien. Wat heeft hij van hem geleerd? Meer lezen over het werk van Kees de Jager kan onder andere in de nieuwste editie van New Scientist. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Onderzoek laat zien: eenzaamheid verhoogt bij mannen het risico op kanker
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickJe ziet natuurlijk vaker onderzoeken voorbijkomen waarin een link tussen het één en het ander wordt gevonden. Zeker als het over gezondheid gaat en ziektes. Waar je dan altijd op moet letten is: hoe representatief is zo'n onderzoek? Hoeveel mensen zijn er bestudeerd? En hoe goed zijn andere factoren uitgesloten die ook invloed kunnen hebben op de uitkomst? In het geval van dit onderzoek, dat is uitgevoerd door de University of Eastern Finland, hebben ze data gebruikt van 2570 mannen van middelbare leeftijd. Begin jaren 80 zijn - met een andere intentie dan nu - allerlei gegevens omtrent gezondheid van deze groep mannen verzameld. Toen met het idee om naar hartziekten te gaan kijken. Twee keer volgde een follow up waarbij dezelfde dingen werden gemeten en nu hebben ze de data tot 2012 gebruikt om naar de link tussen eenzaamheid en kanker te kijken. Aan de hand van deze data konden ze zien dat inmiddels 25 procent van de deelnemers kanker heeft gekregen. 11 procent is daar inmiddels aan overleden. En toen ze keken naar de invloed van eenzaamheid op het krijgen van kanker zagen ze dat eenzaamheid de kans op het krijgen van kanker met 10 procent verhoogde. Uit het onderzoek bleek ook nog dat de kans op overlijden aan kanker hoger was bij patiënten die alleenstaand waren. Andere factoren Om zoiets te kunnen zeggen moet je voor veel controleren zodat je - zo zeker mogelijk - weet dat het niet door iets anders is gekomen. In dit geval betekende dat onder andere controleren voor: leeftijd, welvaart, leefomstandigheden en levensstijl, slaapkwaliteit, depressieve klachten en bijvoorbeeld iets als hartziekten. Al deze factoren bleken niet van invloed op de link tussen eenzaamheid en kanker. Natuurlijk zijn er ook beperkingen van dit onderzoek: het is alleen maar data van mannen van een bepaalde leeftijdscategorie en we weten niets over hoe lang die periodes van eenzaamheid waren. We weten alleen hoe ze zich voelden op de meetmomenten. Er is dus nog ruimte genoeg voor verder onderzoek op dit gebied. Wat de onderzoekers voor nu in ieder geval hopen is dat de resultaten meer bewustzijn creëren voor de gevolgen van eenzaamheid. Uiteindelijk hopen ze ook dat het meegenomen wordt in preventieve zorg en de behandeling van patiënten. Verandering in genen Nou is in dit onderzoek niet gekeken naar wat er nou precies in het lichaam voor zorgt dat eenzaamheid dit effect heeft. Maar in eerder onderzoek is dat wel bestudeerd. Onder andere door de universiteit van Californië. Zij zagen toen dat chronische eenzaamheid iets verandert in de activiteit van onze genen en dat dit onder andere van invloed is op de manier waarop onze cellen reageren op infecties en virussen. Ook op dit gebied is nog meer onderzoek nodig. Maar zelfs als we die exacte informatie nog niet hebben, weten we al wel genoeg: eenzaamheid kan een negatief effect op onze lichamelijke gezondheid. En met die kennis kunnen we natuurlijk allemaal wat betekenen voor de mensen om ons heen. In deze audio hoor je onderoeker Siiri-Liisi Kraav van de University of Eastern Finland. Lees hier meer over het onderzoek: Loneliness and social isolation increase cancer incidence in a cohort of Finnish middle-aged men. A longitudinal study. Het onderzoek naar veranderingen in onze genen door eenzaamheid vind je hier: Social regulation of gene expression in human leukocytes. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Eerste hint gezien van de spaghettificatie van een ster
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickHet klinkt misschien als iets eetbaars, maar spaghettificatie is niet bepaald smakelijk. Het is eigenlijk te vergelijken met de getijdenkrachten op aarde. Wat dichterbij de bron van zwaartekracht zit, daar wordt meer aan getrokken dan iets wat verder weg zit. In het geval van een zwart gat zijn die krachten alleen gigantisch. Komt een ster daarbij in de buurt, dan zal de kant die het dichtst bij is sneller naar het gat toe worden getrokken dan de andere kant. Is de zwaartekracht van de ster zelf niet meer sterk genoeg om de boel bij elkaar te houden, dan ontstaat er slierten en spreken we van spaghettificatie. Proces van een jaar Hoe lang het vervolgens duurt voordat de ster met een laatste grote lichtflits voor altijd verdwijnt hangt af van verschillende dingen: de grootte van de ster, maar ook de grootte van het zwarte gat. Ook kan het nog zo zijn dat de slierten een hele tijd maar een beetje ronddraaien. Want pas als de kop en staart elkaar raken is het einde verhaal. Soms duurt het wel een jaar voordat dit gebeurt. Zo'n flits van een uiteengetrokken ster is inmiddels al een aantal keer gezien, maar nu is voor het eerst ook het stukje ervoor - de spaghettificatie - gedetecteerd. Zeker als die sliertvorming een tijd heeft geduurd, kun je daar sporen van zien op het moment dat de flits gemeten wordt. Die sporen verstoren het lichtsignaal dat we op aarde kunnen detecteren en omdat het een hele specifieke verstoring is, denken onderzoekers nu zeker te weten dat ze het bewijs gevonden hebben. Ze kunnen nu zelfs gaan berekenen hoe breed de slierten moeten zijn. Meer spaghetti Maar weten ze het nou helemaal zeker? Daarvoor wil je eigenlijk nog vaker zoiets meten. Nou zijn er genoeg lichtflitsen te bestuderen, velen per dag, maar niet genoeg professionele mensen om die allemaal bij te houden. En dus hebben ze iets leuks bedacht, naast het werk dat de echte astronomen als doen, kunnen wij allemaal meehelpen. Je hoeft er niet eens verstand van sterrenkunde voor te hebben. Meer weten over dat meetproject? Kijk dan hier: BlackGEM for the public. In deze audio hoor je onderzoeker Peter Jonker van SRON en de Radboud Universiteit. Lees hier meer over het onderzoek: Astronomen zien eerste hint van silhouet gespaghettificeerde ster. De paper vind je hier: Accretion disc cooling and narrow absorption lines in the tidal disruption event AT2019dsg. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Simulatie TU Delft laat zien hoe nieuwe toplaag zonnecellen nog beter kan
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickVeruit de meeste van de zonnepanelen die we nu hebben zijn gebaseerd op zonnecellen van kristallijn silicium. Deze zijn relatief goedkoop en ze kunnen bijna een kwart van de invallende zonne-energie in stroom omzetten. Ondertussen wordt er ook al aan nieuwe type zonnecellen gewerkt, maar veel daarvan zijn nog erg duur om te maken. Dus tegelijkertijd wordt er gekeken hoe we de bestaande zonnecellen nog verder kunnen optimaliseren. Dat betekent: het rendement omhoog, zonder dat de productiekosten stijgen. Hoe hoog kun je gaan? Je hebt natuurlijk altijd te maken met een fundamentele limiet: wat er volgens de natuurwetten kan. Al het licht opvangen, dat ook weer uit verschillende soorten licht bestaat, kunnen de zonnecellen van nu niet. Theoretisch zou 30 procent moeten kunnen. Maar doe je dat met technieken die ook geschikt zijn voor massaproductie, dan kom je op zo'n 27 procent uit. Dat halen zonnecellen nog niet. Die zitten een stuk dichter bij de 20 procent. Als je het rendement omhoog wilt krijgen, moet je vooral de verliezen beperken: het verlies van licht, maar ook het verlies van elektriciteit. Van de twee lagen die in een zonnecel zitten is de bovenste het belangrijkst en die moet aan drie eisen voldoen: hij moet transparant, geleidend en passiverend zijn. Dat laatste betekent: voorkomen dat de lading verloren gaat. De balans tussen die eigenschappen moet ook weer precies goed zijn. Nieuwe formule Nu heeft een Duitse onderzoeksgroep een nieuw recept gemaakt voor de toplaag. Eentje op basis van silicium nanokristallen, met een klein beetje koolstof. Ze combineren daarin weer 4 sublaagjes die worden gelegd met een techniek die al wordt gebruikt, dus dat scheelt. De groep behaalde mooie resultaten, maar snapte nog niet precies waarom en daarbij kon de TU Delft helpen. Dankzij simulatiemodellen konden ze laten zien waarom het nou zo goed werkt. Ook konden ze aantonen dat het rendement met een beetje tweaken nog wat omhoog kan. Met het Duitse recept kwamen ze uit op 24 procent, maar het kan zelfs naar 26 procent. Eén procent onder de praktische limiet dus. Combi-model Het model van de TU Delft is niet alleen snel - binnen een paar minuten kunnen ze simuleren welke combinatie van eigenschappen het best werkt - het combineert ook nog eens twee verschillende kanten van het onderzoek. Voor het modelleren van zonnecellen heb je optische modellen en elektronen modellen en in Delft hebben ze die gecombineerd zodat je een nog beter beeld krijgt. Om van 24 procent naar 26 procent rendement te gaan, moet er weer even in het lab worden gesleuteld. Ze kunnen daarvoor nog een keer goed gaan kijken naar het productieproces. Dus: hoe die nanokristallen worden gevormd. Dan heb je het bijvoorbeeld over de temperatuur waarmee ze worden gelegd, of de druk die daarbij wordt gebruikt. Die hebben allemaal invloed op hoeveel kristallen vormen en hoe ze er dan uitzien. En daarmee kan nog gespeeld worden om uiteindelijk die 26 procent rendement te halen] In deze audio hoor je onderzoeker Rudi Santbergen van de TU Delft. Lees hier meer over het onderzoek: Simulaties TU Delft helpen rendement zonnecellen te optimaliseren. De paper vind je hier: A silicon carbide-based highly transparent passivating contact for crystalline silicon solar cells approaching efficiencies of 24%. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Waarom het ene plantje lang en het andere kort is
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickPlanten kunnen wel tienduizenden genen hebben. Sommige planten hebben er zelfs meer dan de mens. En achter een eigenschap als vorm of kleur zitten vaak hele ingewikkelde processen. Nog even los van de invloed op een plant van de omgeving en omstandigheden is er vaak niet één gen of één stofje verantwoordelijk voor een eigenschap. Ook kan een gen meerdere processen aansturen. Zorg je voor een hogere expressie van een gen, dan kan dat dus meerdere effecten hebben. Het onderzoek naar plantengenen is dus nog niet zo makkelijk. Hoog of laag In deze nieuwe studie waren ze benieuwd naar het mechanisme achter de hoogte van plant. Waarom groeit de ene plant de lucht in en blijft de andere dicht bij de grond? Evolutionair gezien heeft het beiden zo z'n voordelen. Dicht bij de grond zit je als plant beschut en heb je minder kans om opgegeten te worden. Ook hoef je geen energie te stoppen in lange stengels. Maar hoog in de lucht verspreiden zaadjes zich makkelijker en vang je meer licht. Ook tussen gewassen zitten verschillen in hoogte. Daar hebben wij mensen vaak iets mee te maken gehad. Het kruisen en kweken van planten met gunstige eigenschappen gebeurt al behoorlijk lang. Mensen waren zo'n 10.000 jaar geleden al bezig met het domesticeren van planten. Niet al te lang geleden wilde men graag compacte planten hebben, dicht bij de grond. Omdat een plant dan geen energie verbruikte met groeien, leverde hij meer zaadjes of fruit. Ook werd er veel mest gebruikt, waardoor planten te veel de lucht in schoten en kwetsbaarder waren. Naar lengte is dus al weleens gekeken. Ook was toen al bekend dat de DELLA-genen hier een grote rol in speelden. Alleen had deze focus op lengte een prijs: de plantjes ontkiemden heel dicht bij de grond en in droge condities kan dat een probleem zijn. Wanneer wat waar moet groeien In het nieuwe onderzoek hebben ze iets gevonden dat daar mogelijk bij gaat helpen. Een ander gen: het ATH1-gen, dat een belangrijke rol speelt bij het bepalen van die groei en waarmee ze hopelijk de lengte kunnen beïnvloeden op een beter gecontroleerde manier. Zonder nadelige bij-effecten. Wat de onderzoekers ook hopen is dat al deze kennis over hoe planten groeien ervoor kan zorgen dat we een paar foute beslissingen uit het verleden misschien wel kunnen terugdraaien. In deze audio hoor je onderzoeker Robert Sablowski van het Britse John Innes Centre. Lees hier meer over het onderzoek: Shedding light on the long and the short of plant growth. De paper vind je hier: Arabidopsis Homeobox Gene1 controls plant architecture by locally restricting environmental responses. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Hoe we bewegend geluid kunnen volgen
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickEen auto die voorbijkomt, een mug, een pratend iemand die langsloopt: het zijn allemaal bewegende geluiden. Nou is er veel onderzoek gedaan naar hoe goed onze ogen bewegend beeld kunnen volgen, maar amper onderzoek naar hoe goed onze oren bewegend geluid kunnen volgen. Gek genoeg is er dan wel weer een onderzoek gedaan naar het volgen van bewegend geluid met onze ogen. Daar blijken mensen heel slecht in te zijn. Maar ook als je de literatuur induikt op zoek naar hints dat we toch echt wel geluiden kunnen volgen (met welk lichaamsdeel dan ook), lijkt daar weinig bewijs voor. Dat vond Marc van Wanrooij van de Radboud Universiteit maar vreemd. Hij zette een experiment op om het voor eens en voor altijd op te helderen. Proefpersonen zaten in een donkere ruimte waar ze niets konden zien terwijl er een robotarm met een speakertje in willekeurige bewegingen om hen heen bewoog. Ze werden gevraagd het geluid met hun hoofd te volgen. En ja hoor, dat ging geweldig goed. We kunnen het dus prima. Onze hersenen hebben een mechanisme om de positie en snelheid van een geluid te volgen. Dit is niet alleen een mooie vondst, het kan mogelijk ook mensen helpen. Er wordt al gekeken of met deze kennis gehoorapparaten en -implantaten verbeterd kunnen worden. Bij een goed functionerend gehoor werken de twee oren samen om de juist locatie te berekenen. Bij gehoorapparaatjes is dat nog niet het geval. Dat is één van de dingen waar de komende tijd naar gekeken zal worden. Lees hier meer over het onderzoek: Wat hoor ik daar? Hoe we bewegend geluid kunnen horen. De paper vind je hier: Adaptive response behavior in the pursuit of unpredictably moving sounds.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Klinische studie van start voor nieuwe vorm van stamcelgentherapie
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickAan de therapie wordt al zo'n twintig jaar gewerkt. Het moet uitkomst bieden voor patiënten met de aangeboren afweerziekte SCID. Nu is het zo dat kinderen en baby's met deze zeldzame aandoening afhankelijk zijn van een geschikte stamceldonor. Wordt die niet gevonden dan worden vaak de ouders als donor ingezet, maar die match is niet ideaal en daardoor werkt de behandeling vaak slecht of helemaal niet. De nieuwe stamcelgentherapie combineert - zoals de naam al zegt - stamceltherapie en gentherapie. Hierbij wordt de fout in de stamcellen van een patiënt buiten het lichaam gecorrigeerd en daarna worden de cellen weer teruggeplaatst. Bij deze aanpassing van een stamcel wordt gebruik gemaakt van een virus. Een virus dat bouwsteentje voor bouwsteentje is opgebouwd in het lab en dat kreupel (onschadelijk) is gemaakt. Dit virus bouwt vervolgens een goede versie van het gewenste gen in het DNA van de stamcellen in. Als dit allemaal goed gaat deelt het nageslacht van zo'n verbeterde bloedstamcel zich snel en creëer je zo een nieuw werkend immuunsysteem. Keuze aandoening Maar waarom zou je juist voor een zeldzame ziekte kiezen bij het ontwikkelen van een behandeling? Dat gebeurt vooral omdat dit soort therapieën erg kostbaar zijn om te ontwikkelen. Je kunt hierdoor niet zomaar opschalen. Zou je het voor een ziekte ontwikkelen die bij een grote groep patiënten voorkomt, dan kan het zijn dat je moet gaan kiezen: aan wie bied je het aan en aan wie niet? De hoop is wel dat hiermee de basis is gelegd om ook voor andere aandoeningen therapieën te ontwikkelen. Vooral voor aandoeningen waarbij bloedcellen een grote rol spelen lijkt dit mogelijk. Maar eerst breekt voor de onderzoekers - en ouders van patiëntjes met deze ziekte - een spannende tijd aan: voor het eerst gaat een klinische studie van start met een therapie die mogelijk een oplossing biedt voor deze hele nare aangeboren afweerziekte. In deze audio hoor je hoogleraar stamcelbiologie Frank Staal. Lees hier meer over het onderzoek: LUMC gaat eerste Nederlandse stamcelgentherapie toedienen aan patiënten.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Hoe onderscheid je een aardbeving van een naschok?
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickTerwijl de nieuwe Tweede Kamer nog druk bezig is met het debat over de gaswinning in Groningen, zitten ook wetenschappers niet stil. Lang was onduidelijk of er in Groningen naschokken plaatsvonden of dat aardbevingen alleen direct door de gaswinning veroorzaakt werden. Hoe meer je weet over de oorzaak van een beving, hoe beter je in de toekomst kunt voorspellen welke omstandigheden welke bevingen veroorzaken, wat de heftigheid zal zijn en hoeveel tijd er tussen de schokken zit. Zo kun je bijvoorbeeld ook bepalen of het zin heeft om nog even te wachten met reparaties, of dat het juist zaak is om heel snel aan de slag te gaan. Om erachter te komen of er in Groningen sprake is van naschokken - die zich weer heel anders gedragen dan primaire aardbevingen - hebben onderzoekers data in een statistisch model gezet waarmee het mogelijk werd om te berekenen om wat voor soort beving het ging. In zo'n 27 procent van de gevallen bleek het om naschokken te gaan. Nou zijn daarmee nog lang niet alle vragen beantwoord. De onderzoekers willen dan ook nog graag kijken naar wat de maximale beving is en wat grote aanpassingen in de gaswinning voor invloed hebben op de bevingen. Daarvoor zullen ook modellen die kijken naar bodembeweging meegenomen worden. Een beetje wiskunde en een beetje fysica dus. In deze audio hoor je onderzoeker Edwin van den Heuvel van de Technische Universiteit Eindhoven. Lees hier meer over het onderzoek: Statistisch model toont aan: bevingen in Groningen zijn deels naschokken. De paper vind je hier: Interevent-time distribution and aftershock frequency in non-stationary induced seismicity.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Een schilderij gemaakt van halfgeleiders
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickAMOLF-onderzoekers Lukas Helmbrecht en Wim Noorduin hebben een reactieve inkt ontwikkeld die - in combinatie met de juiste ondergrond - een halfgeleider wordt die gekleurd licht uitzendt. De inkt zelf geeft dus geen licht, de ondergrond ook niet en ze hebben ook beiden geen kleur, maar komen ze met elkaar in contact dan reageren ze op elkaar en dan krijg je in de juiste setting gekleurd licht. Waarom is dit nou een verbetering op wat er al was? Het draait allemaal om het maken van perovskiet: een veelbelovend materiaal dat belangrijk is voor die nieuwe generatie zonnecellen en leds. Met de oude technieken had je meerdere laagjes van verschillende soorten perovskiet nodig om de juiste kleuren te krijgen voor bijvoorbeeld het schermpje van je telefoon. Met deze nieuwe techniek heb je maar één laagje nodig, dat al die kleuren kan verzorgen en ook nog eens makkelijker aan te brengen is. Minder materiaal en minder moeite dus. De paper vind je hier: Ion Exchange Lithography: Localized Ion Exchange Reactions for Spatial Patterning of Perovskite Semiconductors and Insulators.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Of eksters van bling bling houden en bacteriën doodgaan in de vriezer
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickWetenschapsjournalist Maartje Kouwen en haar collega's Steijn van Schie en Koen Moons hebben een boek geschreven genaamd 'Eksters houden van bling bling', waarin een aantal hardnekkige misvattingen vakkundig onderuit worden gehaald. Ze plozen hiervoor stapels onderzoeken uit en belden met verschillende wetenschappers. En eerlijk is eerlijk: een paar geloofde ik (tot nu) ook gewoon. We bespreken een paar van deze mythes: eksters houden van bling bling, spinazie mag je niet twee keer opwarmen, urine stinkt na het eten van asperges, een snotneus moet je snuiten en schuin afgesneden bloemen nemen meer water op. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Nieuwe vondst doet deeltjestheorie wankelen
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickHet nieuws komt uit het Fermilab: de Amerikaanse tegenhanger van het Europese CERN. Daar werd iets minder dan 20 jaar geleden al eens hetzelfde experiment gedaan op een andere locatie: Brookhaven in New York. In 2013 werd de hele installatie verhuisd naar Illinois en dat was spectaculair: de enorme magneet van 15 meter breed - daarmee te breed om zomaar door de lucht te vervoeren - werd in 35 dagen per schip en vrachtwagen naar het nieuwe lab gebracht. Wat hebben ze nou precies gemeten? Ze hebben gekeken naar een eigenschap van één van de elementaire deeltjes: het muon. Dat deeltje lijkt op een elektron, maar is zwaarder. Van dit deeltje hebben ze een eigenschap bestudeerd die het magnetisch moment heet. Vanuit het standaardmodel - het model waarin staat beschreven hoe natuurkrachten en elementaire deeltjes zich zouden moeten gedragen - laat dit magnetisme zich goed voorspellen. De eigenschap laat zich ook heel nauwkeurig meten. Toen dit in het Fermilab werd gedaan, vonden onderzoekers afwijkend gedrag. De voorspelling en meting kwamen niet overeen en dan wordt het spannend. Ontdekking of geen ontdekking Hoewel aan de reacties van onderzoekers wereldwijd wel te merken is dat het een spannende vondst is - eentje die mogelijk iets zegt over hoe goed het standaardmodel in elkaar zit - kan volgens de spelregels van de deeltjesfysica nog niet worden gesproken van een ontdekking. Dat mag pas bij 5 sigma, waarbij sigma de maat voor de onzekerheid in de voorspelling en de meting is. Bij 5 sigma is de kans dat een gevonden afwijking toeval is kleiner dan 1 op de 35 miljoen. Nu was er sprake van 4,2 sigma. Nog geen officiële ontdekking dus, maar genoeg om de wereld van de deeltjesfysica flink te laten rondtollen. Zo'n afwijking vind je niet zomaar. Aangezien nog niet alle data uit het experiment zijn geanalyseerd, kan dit nog maar het topje van de ijsberg zijn. Ook zijn wereldwijd onderzoekers druk aan het speculeren wat de oorzaak van de afwijking zou kunnen zijn. Klopt het standaardmodel niet? Is er een fout gemaakt in het experiment? Komt het door donkere materie? Of hebben we iets ontdekt waarvan we nog niet eens weten dat het bestaat? Een nog onbekend elementair deeltje? De komende tijd zal het (mogelijk) uitwijzen, maar een spectaculaire vondst is het sowieso. In deze audio hoor je onderzoeker Gerco Onderwater van Nikhef en de Rijksuniversiteit Groningen. Hij was betrokken bij de voorganger van het hierboven besproken experiment. Lees hier meer over de recente ontdekking: Is the standard model broken? Physicists cheer major muon result. Of op de site van het Fermilab zelf: First results from Fermilabs Muon g-2 experiment strengthen evidence of new physics.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Hoe staat het er eigenlijk voor met het ruimterecht?
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickIn de VS vindt momenteel de inauguratie van de Amerikaanse Space Command plaats, waar Professor of Space Law Frans von der Dunk een keynote zal houden. Ik sprak met hem over de stand van zaken rondom ruimterecht en de uitdagingen die er (voorlopig nog wel even) zijn. Wetgeving maken rond ruimterecht is niet makkelijk: de ruimte is oneindig, niemand is er de baas en meer dan de helft van de staten ter wereld doet inmiddels wel iets met ruimtevaart. Er bestaat sinds 1967 een ruimteverdrag waarin al wel enkele regels staan. Zo mag je bijvoorbeeld geen militaire basis op de maan beginnen, of je een stukje van de ruimte toe-eigenen. Maar nu er steeds grotere belangen meespelen, is het volgens Von der Dunk hard nodig om met meer en duidelijkere regels te komen. Een onderwerp dat hoog op de lijst moet staan - en een relatief makkelijke omdat er een gemeenschappelijk belang bij komt kijken - is volgens hem ruimtepuin. 'Het is in niemands belang dat het straks niet eens meer loont om honderden miljoenen in een lancering te steken vanwege de enorme hoeveelheid schroot in de ruimte', zegt Von der Dunk. 'Door dat gemeenschappelijke belang kan het wellicht een mooi opstapje zijn voor de wat zwaardere onderwerpen. Er moet eerst genoeg vertrouwen in elkaar intenties zijn.' Regels op de maan Een zwaarder onderwerp kan bijvoorbeeld zijn: het winnen van natuurlijke grondstoffen, maar ook iets als controle. Ook daar zijn al regels voor. Zo moeten andere staten bij een lancering beperkt de mogelijkheid krijgen om te kunnen controleren of er bijvoorbeeld niet stiekem een kernraket mee de lucht in gaat. Dat soort regels vragen inmiddels al wel om uitbreiding, net als de regels voor controles op de maan. Daar mag je niet zomaar van alles, maar wanneer moet een operator van een maanbasis opendoen als er op de deur geklopt wordt? Op zo'n gevaarlijke plek moet je dat uiterst zorgvuldig met elkaar hebben afgesproken. Om de tafel En dan is er nog de kwestie: wie mag meebepalen? Iedereen die iets op het gebied van ruimtevaart doet? Dat zijn allang niet meer alleen Rusland, Amerika en China. En dan wordt het best druk aan die tafel. Daarnaast is het internationaal recht al behoorlijk lastig, ook hier op aarde. Want zeggen twee van de grootste spelers: wij zien niets in dat verdrag, wij doen niet mee, dan kunnen er nog zoveel staten voor zijn, zie het dan maar eens te handhaven. Is het dan überhaupt wel haalbaar? Het internationaal ruimterecht? Von der Dunk ontkent niet dat het enorm lastig wordt, maar heeft voorzichtige hoop. Hij denkt dat er de komende vijf jaar, zeker voor sommige onderwerpen, wel eens grote stappen gemaakt zouden kunnen worden. Ben je benieuwd naar het hele verhaal van Von der Dunk: je kunt morgen 08-04 om 21:30 uur Nederlandse tijd meeluisteren met zijn keynote. Het is gratis, maar je moet je wel even registreren via deze link: United States Space Command's Inaugural Legal Conference.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Van de vleugels van een libelle naar medische implantaten
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickDe vleugels van libellen en cicaden, maar ook de bladeren van de lotus plant hebben het: een oppervlakte met speciale eigenschappen - soms anti-bacterieel, soms zelfreinigend - die onderzoekers maar wat graag na zouden maken. Op de bladen van een lotusplant zitten microbolletjes die zorgen voor een extreem waterafstotend effect. Zo houden de bladen zichzelf schoon. Op de vleugels van bijvoorbeeld een libelle vind je piepkleine nanonaaldjes. Deze naaldjes prikken door de celwanden van bacteriën heen en maken ze zo dood. Beide eigenschappen zouden het goed doen op materialen gemaakt door de mens. Denk aan zelfreinigende badkamertegels, of autolak die je nooit meer hoeft te wassen, of de deurklink van de wc die zelf de bacteriën uit de weg ruimt. Maar zo makkelijk is het niet gebleken om dit na te maken. Het lukt steeds vaker om de eigenschappen na te maken, maar dan heb je nog geen opschaalbare techniek. Daar gaat het nu vaak mis. De laatste jaren zijn er wel weer mooie voorbeelden geweest van veelbelovende coatings. In 2018 kwam een groep wetenschappers nog met een anti-bacteriële coating met zinkoxide-naaldjes voor het op oppervlakten in ziekenhuizen, waar de verspreiding van bacteriën een grote zorg is. De coating deed wat hij moest doen: 99,9 procent van de bacteriën die erop landden gingen dood. Prikkelende kunstheupen Nu is een andere groep van internationale wetenschappers weer een stapje verder gegaan: zij werken aan een op libellenvleugels geïnspireerde nanocoating voor op implantaten. Ook werken ze aan een lasertechniek waarmee het makkelijk moet worden om aan de hand van 3D-computermodellen materiaal de juiste vorm te geven. Nou reageren cellen heel sterk op oppervlakte structuur en dus is het wel zaak om eerst heel zeker te weten dat het weefsel om die kunstheup met nanonaaldjes niet op de verkeerde manier geprikkeld wordt. Lees hier meer over het onderzoek naar implantaten: Bactericidal surfaces: An emerging 21st-century ultra-precision manufacturing and materials puzzle.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Thuisvoordeel in voetbal blijft, gedrag scheidsrechter verandert
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickIets minder dan een jaar geleden kwam er uit een onderzoek dat het thuisvoordeel van voetbalclubs verdween doordat er niet langer publiek aanwezig was bij de wedstrijden. Nu, een jaar later, is er veel meer data ter beschikking en dat levert volgens Duitse onderzoekers een hele andere conclusie op. Ze bekeken voor het onderzoek de data van 1000 professionele wedstrijden in het Europese voetbal zonder publiek en zo'n 40.000 wedstrijden die voor de pandemie werden gespeeld met publiek. Ook legden ze er een stapel amateurwedstrijden naast als controlegroep, omdat thuisvoordeel daar amper een rol speelt. Ze bestudeerden balbezit, goals en einduitslagen en zagen dat er een kleine daling in het thuisvoordeel was bij de afwezigheid van publiek, maar deze was zo klein dat hij amper significant is. Waarin ze tot hun verbazing wel een groot verschil zagen, was het gedrag van de scheidsrechters. Die bleken een stuk minder in het nadeel van de uitploeg te fluiten dan wanneer het stadion vol met supporters zit. Mysterie thuisvoordeel Het ontbreken van een effect op het thuisvoordeel door de aan- of afwezigheid van het publiek levert de vraag op: waar zit het hem dan wel in? Er zijn enkele vermoedens: minder reizen voor het thuisteam, bekende faciliteiten en het psychologische effect van je eigen terrein verdedigen, maar dit zijn lastige zaken om te onderzoeken. Je kan moeilijk alle wedstrijden op neutrale grond spelen waarvoor elk team even lang onderweg is. Het zou dus best wel eens kunnen dat het mysterie rond thuisvoordeel nooit helemaal wordt opgelost. In deze audio hoor je Fabian Wunderlich van de Deutsche Sporthochschule Köln en het Institut für Trainingswissenschaft und Sportinformatik. Het onderzoek werd uitgevoerd in samenwerking met onderzoeker Daniel Memmert en onderzoeker Matthias Weigelt van Paderborn University. De paper vind je hier: How does spectator presence affect football? Home advantage remains in European top-class football matches played without spectators during the COVID-19 pandemic.See omnystudio.com/listener for privacy information.

DNA-materiaal zo uit de lucht plukken
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickWetenschapper Elizabeth Clare van Queen Mary University in London is DNA- en biodiversiteit onderzoeker. Ze probeert te ontdekken welke soorten waar leven en doet dat ook nog eens op plekken die enorm moeilijk te bereiken zijn, zoals grotten. Nou wordt er door wetenschappers al omgevings-DNA uit water gevist. Daarmee kunnen ze al zien: wat leeft hier allemaal in de buurt. Van drijven naar dwarrelen Het DNA-materiaal dat uit water gefilterd wordt kan van alles zijn: kleine huidschilfers, haartjes, of cellen die al afgebroken zijn en cellen waarop DNA meereist. Dat materiaal wordt uit het water gehaald met een extreem fijnmazige filter die eigenlijk wel wat wegheeft van een koffiefilter. Nou was Clare bezig met een rapport over omgevingsmonitoring en DNA en toen dacht ze: als dit kan in water, kan dit dan eigenlijk ook niet in de lucht? Na uitvoerig onderzoek vond ze niet veel meer dan speculaties en één groep studenten uit Japan die het gelukt was, maar die ze niet kon bereiken. En dus... ging ze zelf aan de slag. Ze kozen een ruimte waar al lange tijd naaktratten woonden en daar zogen ze lucht door eenzelfde filter als in het water werd gebruikt. CSI Naaktrat Je kan denken: ja lekker makkelijk. Natuurlijk vind je daar wat! En dat was ook wel het idee: als het hier niet lukt, dan lukt het nergens. Maar of DNA zolang goed blijft in de lucht, dat was nog maar de vraag. Ze gebruikten lucht uit de holletjes, maar ook uit de open ruimte en in beide gevallen hadden ze tot hun verrassing succes. Voordat je denkt: oh nee, nu kunnen ze dus ook zien of ik in een ruimte ben geweest? Vrees niet, nuance is hier op zijn plaats. Hoeveel ratten er zaten, of het mannetjes of vrouwtjes waren: niets daarvan was af te lezen uit het DNA-materiaal. Simpelweg omdat het een te kort stukje is. Wel konden ze zien dat er mensen in de ruimte waren geweest, maar dat was het dan ook. Alles kan nog Clare benadrukt dat ze openstaan voor alle wilde ideeën die mensen nu bedenken en dat dit een hele leuke fase van het onderzoek is. Ze werd zelfs al gebeld over onderzoek naar mummies en er is een link met onderzoek naar pathogenen en virusdeeltjes. Maar voorlopig levert het dus nog geen identificerende luchtfilters op voor forensisch onderzoek en de kans dat dat ooit wel gebeurt is heel klein volgens Clare. Meer over het onderzoek lezen kan hier: Study provides first evidence of DNA collection from air.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Neurowetenschappers ontrafelen het mysterie rond muziekgenot
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickOver de hele wereld buigen wetenschappers over deze kwestie. We weten daardoor ook al best veel. Bijvoorbeeld dat het beloningscircuit in de hersenen een grote rol speelt. Ergens waar ook ons plezier wordt gestuurd als we bijvoorbeeld iets lekkers eten, seks hebben, of sommige drugs gebruiken. Maar wat veroorzaakt dat gevoel nou? Komt het vanuit de hersenen zelf? Of reageren hersengebieden op iets? En waar dan precies op? Van kippenvel naar schouders ophalen In 2017 waren ze al een heel eind met het beantwoorden van deze vraag. In een experiment lieten onderzoekers 17 proefpersonen naar muziek luisteren, terwijl met transcraniële magnetische stimulatie (TMS) het betrokken hersengebied werd gestimuleerd of juist geremd. Die techniek werkt met magneten die zorgen voor elektrische stroompjes. Wat ze ontdekten was dat ze met dat stimuleren of remmen ook de hoeveelheid genot bij het luisteren naar muziek konden beïnvloeden. In een tweede experiment dat nu is uitgevoerd herhaalden ze de stappen van het eerste, maar legden ze de proefpersonen ook nog eens onder een fMRI-scanner. Zo zagen ze niet alleen welke stukjes van welke hersengebieden er actief zijn, maar ook dat er onderlinge communicatie is die een belangrijke rol speelt. Is het mysterie nu opgelost? Nog niet helemaal. Want hoe kan het nou dat de ene persoon iets heel anders plezierig vindt om naar de luisteren dan de ander? Het vermoeden is dat het iets te maken heeft met de balans tussen verrast worden en nog begrijpen wat je hoort. De ene persoon houdt van complex en verrassend en de ander van simpel en repetitief. Waarom dat zo is, dat moet nog worden uitgezocht. Kunnen ze hier mensen mee helpen? Daar wordt zeker ook naar gekeken. Bij sommige mensen gaat er mogelijk wat mis in dat beloningscircuit. Bijvoorbeeld bij verslavingen of sommige vormen van depressiviteit. Meer weten over hoe het circuit in elkaar zit is al heel belangrijk, maar misschien kan muziek ook nog op andere manieren in behandelingen worden gebruikt. Ook daar wordt nog naar gekeken. De eerste stap in het onderzoek deed de onderzoeksgroep van Ernest Mas Herrero al in 2017: Brain stimulation can change how much we enjoy and value music. De nieuwste paper vind je hier: Unraveling the temporal dynamics of reward signals in music-induced pleasure with TMS.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Met bosjes aan de cafeïne: koffiepulp als boost voor bosherstel
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickHet begon allemaal 20 jaar geleden. Ecoloog Daniel H. Janzen wilde kijken of bomen op een stuk grond in Costa Rica sneller zouden terug groeien als er landbouwafval als compost werd gebruikt. Hij kiepte 1000 vrachtladingen met sinaasappelpulp op braakliggend terrein en binnen no time groeide er weer van alles. Alleen een concurrerend sinaasappelbedrijf werd jaloers en saboteerde het project door te beweren dat het gevaarlijk was voor het milieu. Ook al bleek dit later onwaar, het was het einde van het onderzoek. Met bosjes aan de cafeïne Er bleven wel mensen in de omgeving onderzoek doen naar bosherstel, waaronder onderzoeker Rebecca Cole. Zij deed samen met een collega recent een nieuwe poging. De sinaasappelpulp werd ingeruild voor koffiepulp: een gigantische afvalstroom van de koffieproductie waar producenten maar al te graag vanaf zijn. Ze dumpten 30 ladingen koffiepulp op een braakliggend stuk grond en lieten een tweede stuk grond leeg als controlemeting. Binnen twee jaar was er een klein bos terug gegroeid tussen het koffieafval en zat de bodem vol voedingsstoffen, terwijl het stuk grond zonder koffiepulp niet meer had dan een laagje gras. Het onderzoek werd gedaan door wetenschappers van ETH-Zurich en de University of Hawai. In deze audio hoor je onderzoeker Rebecca Cole. Lees meer over het onderzoek in het tijdschrift Ecological Solutions and Evidence van de British Ecological Society: Forests on caffeine: coffee waste can boost forest recovery.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Onderzoekers communiceren succesvol met dromende mensen
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickEr wordt al heel lang onderzoek gedaan naar lucide of bewust dromen, waarbij wetenschappers hebben geprobeerd te communiceren met mensen terwijl ze in zo'n bewuste droom zaten. Dat gebeurde alleen tot nu vooral in één richting, waarbij de proefpersoon iets aan de onderzoeker liet weten door middel van oogbewegingen. In een nieuw onderzoek hebben ze echter geprobeerd om tweerichtingsverkeer voor elkaar te krijgen. Waarom zou je dat willen doen? Ze hadden verschillende redenen om het experiment uit te voeren. Ten eerste om meer te leren over dromen, want als je daar achteraf naar vraagt bij mensen dan klopt die herinnering vaak niet. Nu zouden ze dan middenin de droom vragen kunnen stellen. Ook zijn ze benieuwd naar ons geheugen, want er is vermoedelijk een sterke link tussen dromen en het verwerken en opslaan van informatie. In het verlengde daarvan willen ze weten: kunnen we tijdens het slapen misschien ook iets nieuws leren? En dan is er nog de emotie-verwerking: welke rol spelen dromen daarbij? Vier universiteiten, één onderzoek Vier universiteiten in Duitsland, Nederland, Frankrijk en de VS hebben gezamenlijk aan dit onderzoek gewerkt, waarbij ze allemaal net op een andere manier met de proefpersonen probeerden te communiceren. In het Duitse lab gebruikten ze morsecode, in Nederland en de VS spraak om vragen te stellen en oogbewegingen voor de antwoorden en in Frankrijk voegden ze daar nog aanraking en de beweging van gezichtsspieren aan toe. In alle gevallen hadden ze succes. Zo lukte het proefpersonen onder andere om simpele rekensommen op te lossen. Werden ze daar niet wakker van? Er werd natuurlijk niet tegen ze geschreeuwd, maar het was wel een lastig onderzoek. Alleen al omdat je nog maar moet afwachten of iemand zo'n bewuste droom krijgt in het lab. Want zelfs mensen die dit vaker ervaren, hebben er niet per se elke nacht één. Mocht je nu denken: kan ik dit ook? Sommige mensen kunnen het van nature, andere leren het zichzelf aan, dus het valt zeker een keer te proberen. Nu onderzoekers dit gelukt is, zijn er weer een heleboel nieuwe vragen die ze kunnen gaan beantwoorden. Eén daarvan is ook zeker: kan het kwaad om mensen aan te zetten tot regelmatig bewust dromen? Daar zijn nog geen aanwijzingen voor, maar je verstoort wel een natuurlijk proces, dus is het verstandig om hier ook goed naar te kijken. Nog een grappig detail uit de studie: de meeste proefpersonen wisten de volgende dag nog wat er was gevraagd. Sommigen ervoeren het als een stem die uit het niets kwam en bij anderen was het een onderdeel van de droom zelf. In deze audio hoor je onderzoeker Martin Dresler van het Radboud UMC. Meer over het onderzoek lees je hier: Het kan, direct contact met iemand die droomt. Heb je nou ervaring met lucide dromen? Meedoen aan het onderzoek kan. Kijk hier voor meer informatie: Donders Sleep & Memory Lab.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Zombiemieren, gras dat jat van de buren en de mijt die op je gezicht ......
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickDit is misschien wel de allerlaatste Wetenschap Vandaag ooit. Zonder sponsor is er namelijk geen plek meer voor deze rubriek. We gaan er natuurlijk alles aan doen om hem zo snel mogelijk weer terug te krijgen, maar voorlopig moeten jullie het even doen met deze selectie glimlach-verhalen (klik op de kop voor de uitgebreide versie): Het is een slechte tijd voor de mijt Het verdwijnen van verschillende soorten mijten gebeurt 1000 keer sneller dan het van nature zou moeten gaan en dat is slecht nieuws, want we kunnen niet zonder ze. Nou is er één mijt die ons helpt, maar die zelf een uitzonderlijk tragisch leven heeft. Hoe een schimmel mieren in zombies verandert en ze dan laat doen wat ie wil Er bestaat een schimmel die mieren infecteert, ze in zombies laat veranderen en ze dan gebruikt om zichzelf verder te verspreiden. Onderzoekers weten nu meer over hoe de schimmel dit doet. Sperma met een luie staart zwemt 70 procent sneller Je zou zeggen: hoe sneller een spermacel beweegt, hoe beter. Dan maakt hij de meeste kans om als eerste bij het eitje te zijn. Uit nieuwe onderzoek blijkt dat dit niet helemaal klopt. Sperma zwemt veel beter als het puntje van hun staart niet beweegt. Wild gras dat genen van de buren steelt Onderzoekers hebben ontdekt dat er wilde grassen zijn die zichzelf genetisch manipuleren. Ze nemen als een spons de sterkste DNA-informatie van omliggende planten in zich op, om zo voor te kruipen in de rij. Dan nog eentje. Op deze Wetenschap Vandaag werd het meest geklikt: Hoe ons buikbrein communiceert met onze darmflora Er bestaat zoiets als een buikbrein: een tweede zenuwstelsel dat daar beneden de boel aanstuurt. Onderzoekers hebben nu ontdekt hoe dat buikbrein communiceert met onze darmflora en waarom dat belangrijk is. Dat was hem voor 2020. Hopelijk tot snel weer in het nieuwe jaar en bedankt voor het luisteren! Voor wie af en toe nog een wetenschapsnieuwtjes voorbij wil zien komen: @thesciencesection op Instagram. Liefs KarlijnSee omnystudio.com/listener for privacy information.

Hoe planten luisteren naar de wind
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickMensen, dieren, bacteriën, planten: we hebben allemaal mechanosensitieve kanaaltjes in onze cellen (of cel, in het geval van de bacterie). Deze kanaaltjes spelen een belangrijke rol bij de zintuigen voelen en horen. Ook zijn ze belangrijk voor het reguleren van onze bloeddruk en het houden van balans. Ze zitten in snorharen en reageren in de oren zelfs op hele subtiele geluidsgolven. In planten helpen ze bij het onderscheiden van boven en onder, daarbij reageren ze op de druk van de zwaartekracht. Luisteren naar de wind Nu zijn onderzoekers één specifiek kanaaltje op het spoor, dat in planten waarschijnlijk verantwoordelijk is voor de reactie op de wind. Als de wind toeneemt, reageren veel planten door hun groei aan te passen. In plaats van langer, maken ze zichzelf breder om zo steviger te staan mocht de storm komen. Maar wat dit nou precies ingang zet, waar dit proces begint, dat wisten we nog niet goed. Met dit kanaaltje zijn de onderzoekers mogelijk dit beginnetje op het spoor. Het is alsof de plant met het kanaaltje luistert naar de wind. Uitgebreider onderzoek is nodig om het mechanisme nog verder uit te pluizen. In deze audio hoor je onderzoeker Jean-Marie Frachisse. De paper vind je hier: Cellular transduction of mechanical oscillations in plants by the plasma-membrane mechanosensitive channel MSL10. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Darmcellen helpen immuunsysteem bij detecteren parasiet
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickMeer lezen over het onderzoek kan hier: Gut cells sound the alarm when parasites invade. De paper vind je hier: The intestinal parasite Cryptosporidium is controlled by an enterocyte intrinsic inflammasome that depends on NLRP6. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Rook bosbranden verspreidt mogelijk besmettelijke ziektes
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickDankzij de nieuwste technologie konden onderzoekers de rook van bosbranden beter onderzoeken dan ooit. Ze vonden in de grote pluimen honderden verschillende bacteriën en schimmels en zelfs bij hele intense branden was een groot deel gewoon nog in leven. Er moet nog uitgebreider onderzocht worden hoe gevaarlijk de verspreiding van elk van de microben voor ons is en welke afstand ze kunnen afleggen op deze manier, maar de onderzoekers vermoeden dat deze route een mogelijke verklaring kan zijn voor onverklaarbare uitbraken van infectieziektes op sommige plekken. Meer lezen over het onderzoek kan hier: Wildfire smoke, a potential infectious agent.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Kerstbomen blijven groen in de winter dankzij fotosynthese shortcut
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickBomen gebruiken fotosynthese om aan hun brandstof en bouwstenen te komen. Dit intensieve proces heeft twee systemen (twee motoren) nodig om te kunnen draaien. Normaal gesproken worden die twee gescheiden gehouden, want dan zou het mechanisme kapot gaan, maar nu hebben onderzoekers bij een type conifeer (de familie waar ook de spar - onze kerstboom - onder valt) iets opmerkelijks gezien. In deze bomen worden de twee motoren in de winter juist wel aan elkaar gekoppeld. De ene motor voedt de andere motor van zo dichtbij dat er een gigantisch snel proces ontstaat. Dit zorgt er uiteindelijk voor dat de boom in de winter wordt beschermd en het zijn naalden hoeft te laten vallen. In deze audio hoor je Stefan Jansson van Umeå University in Zweden. Lees hier meer over het onderzoek waaraan ook de Vrije Universiteit Amsterdam meewerkte: Kerstbomen blijven groen in winter vanwege shortcut in fotosynthese. De paper vind je hier: Direct energy transfer from photosystem II to photosystem I confers winter sustainability in Scots Pine. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Is dit het vaccin waarmee we de schadelijke 'kattenparasiet' verslaan?
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickEen derde van de wereldbevolking draagt de parasiet bij zich. Hij kan zich verplaatsen tussen gastheren als knaagdieren en vogels, maar wordt pas echt gevaarlijk in zijn hoofdgastheer de kat. Dit is ook het enige dier dat mensen kan besmetten. In de kat vermenigvuldigt hij en plant hij zich voort. In de vorm van een soort besmettelijke sporen gaat hij weer het lichaam uit van de kat en eindigt hij in kattenpoep. En daar wordt het gevaarlijk voor andere dieren en voor ons. Er zijn verschillende momenten waarop een besmetting kan plaatsvinden: werken in je tuin, de kattenbak verschonen, of in het geval van een schaap: grazen in een veldje waar ook katten komen. De parasiet is vooral gevaarlijk voor mensen met een zwak immuunsysteem of tijdens de zwangerschap. Als een ongeboren baby via de moeder besmet raakt kan dat voor allerlei problemen zorgen. Als we dan weer even teruggaan naar het schaap: een recent onderzoek in Australië laat zien dat ze daar meer dan 62.000 ongeboren lammetjes per jaar verliezen aan de parasiet. Omdat het ook een schaap of koe kan besmetten, kan het ook nog eens in vlees zitten. Als dar vlees vervolgens te rauw gegeten wordt, dan kan ook dat gevaarlijk zijn. Maar er is hoop.. Onderzoekers van de universiteit van Zürich hebben een oplossing gevonden: een vaccin waarmee het vormen van die besmettelijke sporen wordt tegengegaan. Ze gebruiken de CRISPR-Cas9 techniek om iets in de genexpressie van de parasiet aan te passen. Niet door een stukje DNA toe te voegen of weg te halen, maar door het eiwit dat ze willen beïnvloeden buiten de cel te programmeren en het dan pas in de cel te stoppen. Het is volgens de onderzoekers een veel 'schonere' en meer natuurlijke manier om het te doen, waarmee er geen verstorende restjes in de cel achterblijven die later kunnen zorgen voor ongewenste reacties. Ondanks dat het lijkt alsof dit inderdaad nergens in ons milieu voor ronddwalende gemuteerde cellen zou moeten zorgen, zegt de wet (in ieder geval in Zwitserland) nog steeds: dit mag niet. En dat betekent dat we nog niet zover zijn dat het vaccin meteen in gebruik genomen kan worden. In deze audio hoor je onderzoeker Adrian Hehl van de universiteit van Zürich. Lees hier meer over het onderzoek: Genetic Engineering without Unwanted Side-Effects Helps Fight Parasites. De paper vind je hier: A streamlined CRISPR/Cas9 approach for fast genome editing in Toxoplasma gondii and Besnoitia besnoiti. See omnystudio.com/listener for privacy information.

De oorsprong van vlooien: we hadden het al die tijd mis
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickEr zijn ongeveer een miljoen insectensoorten. Twee derde van alle diersoorten is insect. Het zijn er gigantisch veel. Omdat ze zo divers zijn zijn ze ook altijd belangrijk geweest voor het vormen van evolutietheorieën. Heel veel vroege evolutiediscussies werden gevoerd op basis van kennis over insecten. Er wordt dus al heel lang onderzoek naar de beestjes gedaan. Dan zou je denken: dan weten we ook wel zo'n beetje alles wat we moeten weten over de relaties tussen al die insectengroepen. Ho ho de vlo Maar nee, dan vergeten we de vlo! De vlo is natuurlijk überhaupt een bijzonder beestje. Hij kan springen, hij drinkt bloed en is een parasiet en hij heeft een raar geplet lijfje. Door die gekke combinatie hadden wetenschappers enorm veel moeite met het bepalen van de positie van de vlo in de tree of life. Ze zijn daarom nog maar eens goed in de genen gedoken. Meer dan 1400 hebben ze onderzocht, op zoek naar sporen van evolutie. Ze kregen hulp van flink wat wiskundige modellen en kwamen zo de belangrijkste relaties op het spoor. Wat ze vonden verraste ook de onderzoekers zelf. De vlo blijkt namelijk familie te zijn van de schorpioenvlieg. Een vlieg met een soort snavel waarbij z'n mondje helemaal aan het puntje zit. Ook heeft hij een staart die lijkt op die van een schorpioen. Van nectar naar bloed De meest verwante schorpioenvlieg leeft nu ook nog gewoon, onder andere in Australië en Nieuw Zeeland. Maar hoe wordt een vlieg een vlo? Dat is nog aardig mysterieus, want sommige schorpioenvliegen eten een beetje rottende vegetatie hier, een beetje dode insecten daar. Die ene die heel erg verwant is met de vlo eet zelfs nectar. Maar parasieten zijn het geen van beiden. Daarnaast werd ook nog eens gedacht dat parasieten ooit of als roofdier begonnen, of dat hun oorsprong in de buurt ligt van de gastheer en dat de parasiet ooit in het nest leefde van een dier en toen op een gegeven moment is overgesprongen op het dier zelf. Maar het kan dus ook anders, weten we nu. Een vriendelijke toetermondje kan ineens een gevaarlijk wapen worden. En daar is nog één ander geval van bekend: de mug legde dezelfde weg af. Mega grote oude vlooien Moeten nu de biologieboeken herschreven worden? In ieder geval de entomologie hoofdstukken. Nou is het zo dat deze onderzoekers ook nog fossielen van vlooien in handen hebben die zo'n 165 miljoen jaar oud zijn. Toen waren ze overigens een maatje groter en konden ze maar liefst 2 centimeter worden. Misschien dronken ze toen het bloed van dino's, dat weten we nog niet zeker. Maar wat ze al wel kunnen zien is dat ook deze oude beestjes familie zijn van de schorpioenvlieg. Nog meer bewijs, dus ik zou zeggen: case closed. In deze audio hoor je onderzoeker Erik Tihelka van de School of Earth Sciences van de universiteit van Bristol. Lees hier meer over het onderzoek: Study resolves the position of fleas on the tree of life. De paper vind je hier: Fleas are parasitic scorpionflies.See omnystudio.com/listener for privacy information.

Nieuwe kennis over hoe onze hersenen ruis van spraak onderscheiden
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickWetenschappers hebben voor het eerst fysiologisch bewijs laten zien voor de werking van een belangrijk neuromodulatiesysteem. Zo'n systeem bestaat uit een groep neuronen dat weer een andere groep meer gespecialiseerde neuronen aanstuurt. Als een soort opzichter op de bouwplaats. Het systeem speelt een belangrijke rol bij hoe de hersenen geluid verwerken. Eén neurotransmitter in het bijzonder - neurotransmitters zijn de stoffen die het mogelijk maken dat neuronen met elkaar kunnen communiceren - heeft hierop veel invloed: acetylcholine. Deze stof zou zelfs mede bepalen hoe goed spraak van ruis onderscheiden kan worden. Maar hoe ga je nou laten zien dat het één van grote invloed is op het ander? Dat dit modulatiesysteem inderdaad zo belangrijk is voor geluidsverwerking? Daarvoor blokkeerden ze hier en daar wat in het mechanisme. Vervolgens gebruikten ze een audio van een toon (die klonk alsof je één pianotoets aansloeg) verwerkt in een boel lawaai. Werd het circuit geblokkeerd dan kon die toon niet langer goed worden onderscheiden. Welke neuron doe wat? Kun je nu meteen zeggen: als er bij iemand iets mis is met geluidsverwerking, dan kun je dit gebruiken om diegene te helpen? Dan gaat het mis in dit hersencircuit. Nee. Dat is iets te kort door de bocht. Want bijvoorbeeld bij gehoorverlies door ouderdom speelt het oor zelf ook een hele belangrijke rol. Krijgen de hersenen al minder goede audio binnen, ja, dan zal de verwerking ook moeilijker zijn. Maar daarmee is deze nieuwe ontdekking niet onbelangrijk. Waar ze nu vooral nog naar willen kijken is welke neuronen nou precies zorgen voor die verstoring. Welke neuronen kunnen hun werk niet meer goed doen? Waar gaat het precies mis? En er was nog dat nieuw ontdekte neurale netwerk tussen het geluidsverwerkingsgebied en het eerder genoemde modulatiensysteem. Maar daar horen we in een volgende paper meer over. In deze audio hoor je onderzoeker Michael Burger van Lehigh University. Lees hier meer over het onderzoek: Study Sheds Light on How Brain Distinguishes Speech from Noise. De paper vind je hier: Endogenous Cholinergic Signaling Modulates Sound-evoked Responses of Medial Nucleus of Trapezoid Body. See omnystudio.com/listener for privacy information.

Gapen is ook aanstekelijk voor dieren die alleen leven
Mede mogelijk gemaakt door: BroadwickVeel mensen zullen het herkennen: je ziet iemand anders gapen en dan moet je zelf ook. Soms is het zelfs al genoeg als je het hoort. En het lijkt eerder te gebeuren als het om iemand gaat uit je sociale kring. Iemand die je mag. Waarom het precies gebeurt, dat weten we echter nog niet. We weten wel dat de aanstekelijkheid van gapen zowel bij mensen als dieren voorkomt. Bij chimpansees en bonobo's, bij honden en wolven en zelfs bij schapen en vermoedelijk ook vissen. Om te testen of het sociale aspect echt noodzakelijk is richtten wetenschappers zich in een nieuw onderzoek juist op meer solitaire dieren. Ze bleven wel redelijk dicht bij huis en kozen voor de meest solitaire mensaap: de orang-oetan. Voor het onderzoek werd een tv voor het verblijf van de orang-oetans in de Apenheul gezet. Daarop kregen ze andere orang-oetans te zien die of gaapten, of neutraal keken. Tussen die andere apen zaten groepsgenoten, onbekenden en een 3D-avatar van een orang-oetan. Voor die laatste bleken ze niet zo gevoelig te zijn, maar het gapen van zowel de bekende, als onbekende orang-oetans bleek aanstekelijk te werken. Voor het eerst lieten de onderzoekers daarmee zien dat de aanstekelijkheid van gapen ook bij solitaire dieren voorkomt. Hersenen op scherp Natuurlijk zouden ze het liefst alle dieren testen, maar dit onderzoek is al weer een stapje in de goede richting. Waarom het nou gebeurt, dat moet nog altijd worden uitgezocht. Er is een theorie die zegt dat met gapen de hersenen worden gekoeld en dat aanstekelijkheid ervoor zorgt dat de hele groep meedoet en iedereen weer even op scherp staat. Bijvoorbeeld in een gevaarlijke situatie. Maar dat zou dan niet verklaren waarom ook solitair levende dieren het doen. Genoeg te onderzoeken nog dus. In deze audio hoor je onderzoeker Evy van Berlo van de Universiteit Leiden. Meer over het onderzoek lees je hier: Experimental evidence for yawn contagion in orangutans (Pongo pygmaeus). Het onderzoek werd geleid door gedragsonderzoeker Jorg Massen, verbonden aan de Universiteit Utrecht. Massen spraken we eerder al eens: 'Puzzelen met vrienden werkt ontspannend voor apen' en 'Blauwe ekster deelt zijn eten met minder bedeelde soortgenoten'. See omnystudio.com/listener for privacy information.